Gall-Peters-projectie ipv Merctor | Alamy Stock Photo
Van koloniale kaarten tot de Toeslagenaffaire: oude hiërarchieën leven voort in nieuwe gedaanten.
Kaarten liegen. Dat werd vorige week opnieuw bevestigd in berichtgeving over de Mercator-projectie, die Afrika veel kleiner toont dan het werkelijk is. Voor velen een grappig weetje, voor mij een teken van iets diepers: deze vertekening is geen toeval. Het is de erfenis van wat ik de witte draad noem, een patroon van onderdrukking dat eeuwen later nog altijd doorwerkt, zelfs in de algoritmes waarmee de overheid vandaag burgers beoordeelt.
Waar de rode draad verbindt, verdeelt de witte draad. Een onzichtbare lijn die zich door de eeuwen heen verplaatst van kruis naar vlag, van scheepszeil naar bankbiljet, van koloniale wet naar datamodel. Steeds past hij zich aan, maar steeds met hetzelfde doel: machtsstructuren bijeenhouden door hiërarchie te coderen.
Van Mercator naar mindset
De Mercator-projectie uit 1569 vergroot Europa spectaculair ten opzichte van Afrika. Groenland lijkt groter dan het hele Afrikaanse continent, terwijl Afrika in werkelijkheid veertien keer groter is.
Dat deze projectie de wereldstandaard werd, was geen technisch ongeluk maar een geopolitieke keuze. Wie opgroeit met kaarten waarin Europa groot en centraal staat en Afrika klein en marginaal, leert ongemerkt een hiërarchie van belangrijkheid. Cartografie werd psychologie. De kaart werd een territorium van de geest.
Die traditie is nog niet verdwenen. Zoek in Google Maps naar "Berlijn" en je krijgt musea, geschiedenis en cultuur. Zoek naar “Lagos”, een stad met meer inwoners dan Nederland, en je krijgt vooral verkeersinformatie en veiligheidsadviezen. Het algoritme zet voort wat de kaart ooit begon: Europa is betekenis, Afrika is probleem.
De medische en academische erfenis
Diezelfde witte draad loopt door in onze kennisproductie. Nederlandse geschiedenislessen noemen Hippocrates de vader van de geneeskunde, maar zelden Imhotep, de Afrikaanse arts en denker die tweeduizend jaar eerder al chirurgie en farmacologie beschreef. Dat dit Egypte een Afrikaanse ‘beschaving’ is, blijft vaak onbenoemd.
Ook de moderne wetenschap volgt deze lijn. Farmaceutische studies worden vooral uitgevoerd op witte proefpersonen, terwijl de resultaten universeel worden voorgeschreven. Deelnemers aan klinische trials zijn nog altijd overwegend van Europese of Oost-Aziatische afkomst, en veel minder vaak van Afrikaanse of inheemse herkomst. Verschillen in genetische profielen, metabolisme en medicijnrespons bij deze ondervertegenwoordigde groepen worden genegeerd, met soms schadelijke gevolgen. Medicijnen die effectief zijn voor Europese populaties kunnen bij anderen toxisch blijken of juist onderdoseerd.
Universiteiten doen vaak hetzelfde. Ubuntu-filosofie heet "tribale wijsheid", terwijl vergelijkbare westerse concepten doorgaan als "sociale psychologie". Onderzoek door zwarte wetenschapperswordt al te vaak gebagatelliseerd als "interessant perspectief" in plaats van erkend als fundamenteel inzicht.
Algoritmes zijn de nieuwe ketens
Wie denkt dat dit louter verleden is, hoeft alleen naar de Toeslagenaffaire te kijken. Daarin werd etniciteit impliciet en expliciet gebruikt om fraude te voorspellen. Duizenden gezinnen, vaak met migratieachtergrond, werden ten onrechte als verdacht aangemerkt, met rampzalige gevolgen.
Het patroon is herkenbaar. Waar de kaart Afrika verkleinde en de kerk zwart demoniseerde, verkleinde het algoritme de ruimte van burgers die niet in het "normprofiel" pasten. Het systeem leek objectief, maar reproduceerde eeuwenoude vooroordelen met industriële snelheid.
Kunstmatige intelligentie versterkt dit effect. Zoekresultaten voor "professioneel kapsel" tonen vooral witte modellen. Taalmodellen koppelen "crimineel" vaker aan zwarte namen, "leider" vaker aan witte. De technologie lijkt neutraal, maar leunt op trainingsdata die doordrenkt zijn van historische ongelijkheid.
De illusie van inclusie
Veel instituties proberen dit nu te ondervangen met diversiteitsbeleid, workshops over onbewuste vooroordelen en speciale algoritme-toetsen. Maar vaak gaat het om schijn-inclusie: representatie zonder machtsdeling. Een divers gezicht op een witte structuur legitimeert eerder dan dat het verandert.
Dat is gevaarlijker dan openlijke uitsluiting. Want waarom vechten tegen een systeem dat zichzelf "progressief" noemt? Waarom klagen als er een diversiteitscommissie bestaat? De witte draad absorbeert kritiek en spint er een nieuw jasje omheen.
De prijs van fragmentatie
Het tragische is dat deze draad niet alleen zwarte mensen benadeelt, maar de hele samenleving. Elke keer dat stemmen systematisch worden genegeerd, verliezen we toegang tot inzichten die onze crises zouden kunnen verlichten. Denk aan ecologische wijsheid uit Afrikaanse tradities, of gemeenschapsdenken dat kan helpen bij sociale cohesie.
Inclusie is daarom geen gunst aan minderheden, maar een correctie van een disbalans die iedereen schaadt.
Wat nodig is
De witte draad kan alleen bestaan zolang hij onzichtbaar blijft. Zodra we hem belichten, verliest hij kracht.
Dat betekent:
Onderwijs dat Imhotep naast Hippocrates plaatst.
Media die Afrikaanse stemmen centraal zetten bij universele vraagstukken.Algoritmes die niet klakkeloos herhalen wat in data besloten ligt, maar bewust worden gecorrigeerd.
De Toeslagenaffaire liet zien wat er gebeurt als we dit nalaten. De uitdaging is om er lessen uit te trekken: niet alleen herstelbetalingen doen, maar ook de systemen zélf herzien.
Want uiteindelijk ligt onze kracht niet in wat ons scheidt, maar in wat ons kan verbinden. Zodra we de witte draad herkennen, kunnen we hem bewust doorbreken, en onszelf zien als deel van hetzelfde geheel.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.