De Palestijnse Rode Halve Maan (PRCS) heeft vandaag bekendgemaakt dat er nog eens zes lichamen van hulpverleners zijn geborgen na de Israëlische aanslag van vorige week zondag op ambulances in de Gazastrook. Het totale dodental onder de hulpverleners is daarmee gestegen naar veertien. De lichamen zijn aangetroffen in een massagraf, met de handen geboeid, geëxecuteerd en begraven onder hun ambulances.
Naast de acht ambulancemedewerkers waarvan de lichamen gisteren al werden gevonden, zijn nu ook de lichamen van vijf medewerkers van de burgerbescherming en een lid van een VN-organisatie geborgen. Een vijftiende persoon, eveneens ambulancemedewerker, wordt nog vermist. De PRCS vermoedt dat deze persoon door Israël wordt vastgehouden.
De hulpverleners werden afgelopen zondag onder vuur genomen in de omgeving van Rafah. Israël heeft bevestigd de ambulances te hebben beschoten, waarbij het leger verklaarde dat de voertuigen als "verdacht" waren aangemerkt. Een zoals gebruikelijk onzin redenering van het moordlustige Israëlische leger, aangezien de ambulances en de hulpverleners zelf duidelijk herkenbaar zijn als dusdanig en ook wordt het Israëlische leger op de hoogte gesteld van de aanwezigheid van hulpverleners in een getroffen gebied.
Het Rode Kruis heeft de aanval scherp veroordeeld en sprak aanvankelijk van "moord": "Zelfs in de meest complexe conflictgebieden zijn er regels. Deze regels van het internationaal humanitair recht kunnen niet duidelijker zijn: burgers moeten worden beschermd, hulpverleners moeten worden beschermd," aldus het Rode Kruis.
Volgens de hulporganisatie betreft dit de dodelijkste aanval op haar medewerkers sinds 2017. In de huidige genocidale oorlog die Israël in Gaza voert zijn tot nu toe dertig Rode Kruis-medewerkers omgekomen.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.