Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen

Schaf het koloniale Statuut af

  •  
25-12-2019
  •  
leestijd 6 minuten
  •  
161 keer bekeken
  •  
bonaire

© Foto: Aart G. Broek

Vijfenzestig jaar geleden, in december 1954, werd het Statuut getekend. Dit wetsdocument regelt de verhoudingen tussen Aruba, Curaçao, Sint-Maarten en Nederland. Hoog tijd om het koloniale Statuut af te schaffen.
Nederland wist Suriname in 1975 tot onafhankelijkheid te bewegen. De Antilliaanse eilanden bedankten keer op keer voor die opgelegde vrijheid. Zij hebben daartoe het volste recht en kunnen niet tegen hun wil uit het Koninkrijk worden gezet. Vanaf 1990 veranderde het Nederlandse beleid. De eilanden zouden binnen het Koninkrijk blijven en zouden zich aan de nodige ‘huisregels’ dienen te houden, zoals politiek-bestuurlijke integriteit, een deugdelijke begroting en onwrikbare rechtshandhaving. Dit bleken opgaven waaraan maar moeizaam consequent invulling kon worden gegeven.
Sinds die beleidsommezwaai heeft Nederland in toenemende mate bemoeienis met de eilanden Aruba, Bonaire, Curaçao, Sint-Maarten, Sint-Eustatius en Saba gekregen. Los van de traditionele moederlandse taken als de uitgifte van het Nederlandse paspoort, buitenlandse betrekkingen en defensie, geldt de toegenomen betrokkenheid ongetwijfeld in bestuurlijk, financieel, justitieel en politioneel opzicht. Inderdaad, Nederland bemoeit zich er flink tegenaan.
Aanmodderen Het wetsdocument dat de onderlinge verhoudingen binnen het Koninkrijk formeel regelt, is het Statuut. Dit torent boven de grondwet van de respectieve landen binnen het Koninkrijk uit. Het werd in december 1954 ondertekend en regelmatig bijgesteld, meest recentelijk op 10 oktober 2010. Sindsdien bestaat het Koninkrijk der Nederlanden uit vier ‘landen’, te weten Aruba, Sint-Maarten, Curaçao en Nederland, terwijl de eilanden Bonaire, Sint-Eustatius en Saba (BES) als ‘openbaar lichaam’ aan Nederland zijn toegevoegd en de benaming Caribisch Nederland kregen. Ter toelichting worden BES-eilanden wel als ‘een soort gemeenten’ gekarakteriseerd, maar de eilanden zijn dat niet: ze hebben veel minder te vertellen dan willekeurig welke gemeente in Nederland. De vereisten die aan eilandelijke bestuurders worden gesteld, zijn scherper dan voor gemeentelijke bestuurders en de mogelijkheden om van Nederlandse zijde op eilandelijk niveau bij te sturen en in te grijpen, zijn flink groter dan bij gemeenten.
Ook Aruba, Sint-Maarten en Curaçao zijn praktisch gesproken geen ‘landen’ in de staatkundige zin, al was het maar omdat enkele essentiële zaken niet door die landen ingevuld kunnen worden: de eerder genoemde moederlandse taken. We noemen de eilanden ‘autonoom’, maar ook dat zijn ze in vele opzichten absoluut niet en dat zijn ze steeds minder geworden. De problemen rijzen de pan uit en zijn – hoewel het een autonome taak betreft – niet zelfstandig het hoofd te bieden. Dagelijks wordt dit onvermogen om aan autonomie daadwerkelijk invulling te geven geïllustreerd door ontoereikende criminaliteitsbestrijding, overrompelende milieuproblematiek, gemankeerd onderwijs, onduldbare (intereilandelijke) infrastructuur, falende handhaving mensenrechten, uitzonderlijke gewelddadigheden, belabberde ambtelijke dienstverlening, haperende kinderbescherming, hoge werkloosheid, frauduleus bestuur, behoeftige gezondheidszorg en onbeheersbare overheidsfinanciën in de eilandelijke samenlevingen.
Tweederangs Het Statuut kwam tot stand juist om onderscheid mogelijk te maken. In de praktijk van alledag maakt het de bewoners van de eilanden tweederangs burgers van het Koninkrijk. Dit is feitelijk een keuze die zij – dan wel hun voorvaderen – ooit zelf maakten, zij het mogelijk niet zo doelbewust. In de status van ‘openbaar lichaam’ en bovenal die van ‘autonoom land’ is het slecht toeven, niet in de laatste plaats omdat het in de praktijk steevast een afwachten is wat Nederland wel of juist niet zal gaan doen.
Afwachten óf en hóe Nederland ingrijpt wanneer eilandelijke overheidsbedrijven, de inlichtingendienst en de Centrale Bank in handen dreigen te vallen van malafide partijen; wanneer de bestuurders bij het opstellen van de eilandelijke begrotingen de realiteit volledig uit het oog verliezen; om het verval van het cultureel erfgoed te keren; wanneer onderwijs, ziekenzorg en intereilandelijke infrastructuur door het ontbreken van noemenswaardig beleid ineenstort; wanneer de lucht- en watervervuiling aantoonbaar doden veroorzaakt. Enzovoorts.
Gunst Het Statuut spreekt van gelijkwaardigheid, zelfstandigheid en wederkerigheid voor de landen. Dat klinkt menigeen als muziek in de oren, maar ontegenzeglijk worden die verhoudingen feitelijk beheerst door een uitgesproken koloniaal element: gunst. De Caribische eilanden zijn bedelende horigen van Nederland. Aan de Koninkrijksrelaties ontbreekt een deugdelijk uitgewerkt en transparant stelsel van rechten en plichten.
Grondig uitgewerkte rechtsregels ordenen de onderlinge verwachtingen en voorkómen zodoende conflicten. Belangwekkender nog is dat recht en het handhaven ervan het onderling vertrouwen tussen mensen in een samenleving versterken. Dit is nu precies wat gunsten niet doen. Van gelijkwaardigheid, zelfstandigheid en wederkerigheid is geen sprake. Een samenleven gebaseerd op gunstverlening voedt het onderlinge wantrouwen en (ver)hindert zodoende het samenwerken. De geschiedenis van de eilandelijke samenlevingen én van het Koninkrijk van de afgelopen vijfenzestig jaar laten dit onverholen zien.
Het door gunsten gestuurde samenleven versterkt aan de zijde van de onderliggende partij het optrekken van façades, het zich onttrekken aan verantwoordelijkheden, het aannemen van de slachtofferrol, gevoelens van minderwaardigheid. Kortom, Nederland beschaamt de eilandelijke bewoners. Die vernederingen zijn dikwijls verpakt met de beste bedoelingen. Desalniettemin doen de eilandelijke samenlevingen in koninkrijksverband aanhoudend schaamte-ervaringen op.
Eén Nederlanderschap Het verminderen en uiteindelijk opheffen van de schaamtevolle gunstrelatie begint bij het vaststellen van een gemeenschappelijk doel. Met een knipoog naar een catechetische kwestie, dient de vraag beantwoord te worden: waartoe zijn wij in het Koninkrijk der Nederlanden?
Ook al doen de discussies over de onderlinge verhoudingen anders vermoeden, de staatkundige structuur vormt geen doel op zich. Die structuur is uitsluitend een middel om specifieke doelen te realiseren. Het eerste doel is de invoering van een en hetzelfde Nederlanderschap voor alle burgers van het Koninkrijk. Dit onderstreept niet alleen de staatkundige eenheid en onze veelzijdige verbondenheid maar bovenal onze gedeelde rechtsstaat en democratie.
Het Statuut houdt de scheiding van eerste- en tweederangs burgers binnen het Koninkrijk in stand. Alle varianten bestendigen die tweedeling. Onverbrekelijk samenhangend met het eerste is het tweede doel, i.c. het aanvaarden in het gehele Koninkrijk van één norm voor het niveau van de maatschappelijke voorzieningen, waaronder uiteenlopende velden van overheidszorg als de rechtshandhaving, openbare financiën, bestuurlijke integriteit, onderwijs, milieu, sociale woningbouw en gezondheidszorg. Leidend zou de westerse norm dienen te zijn en niet die van de onafhankelijke eilanden in het Caribisch gebied. Bij omringende onafhankelijke landen als Haïti en Dominica steken de Nederlands-Caribische eilanden altijd gunstig af.
Als gelijke welzijn en welvaart voor alle rijksgenoten daadwerkelijk het hoofddoel van het samenleven in het Koninkrijk is, dan ligt het voor de hand om voor de bestuurlijke constructie te kiezen, waarbij de eilanden gemeenten en tezamen een provincie worden. Beslist dient onderkend te worden dat uitsluitend met de volledige integratie van de eilanden in Nederlands verband het verlangde westerse welzijns- en welvaartsniveau en de daarop afgestemde financiële middelen gegarandeerd kunnen worden.
Met deze constructie van integratie wordt de door gunst geteisterde relatie ontmanteld, daar het aan beide zijden niet alleen duidelijk is wat geëist kan worden, maar ook – ongetwijfeld niet minder van belang – wat de verplichtingen zijn. Beide partijen kunnen dan eindelijk, zonder schaamte- en (eventuele) schuldgevoelens, elkaar als gelijkwaardige partners tegemoet treden. Integratie maakt van de vele problemen stoutmoedige oplossingen en realiseerbare idealen voor een vitaal samenleven in het Koninkrijk.
Erin of eruit Er dient een keuze gemaakt te worden. Erin of eruit? Of je wordt onafhankelijk en treedt als Suriname de eigen toekomst tegemoet – inclusief een agressief opdringend Venezuela, een expansief en neokoloniaal China en een genadeloze Latijns-Amerikaanse maffia. Of je wenst je een Koninkrijk zónder koloniale gunstverhoudingen en mét een volwaardig meedraaien in een democratisch bestel.
We moeten van koers veranderen. Zo werd ruim voor de herziening van het Statuut in 2010 al opgemerkt. Het roer moet worden omgegooid. Overstag. Krachtdadig en doelgericht koers zetten naar een en hetzelfde Nederlanderschap. Het is de enige nog resterende mogelijkheid om af te rekenen met de koloniale verhoudingen binnen het huidige Koninkrijk.
De bestuurlijke slagkracht om intern, regionaal en wereldwijd te opereren is in de Caribische ‘landen’ Aruba, Sint-Maarten en Curaçao structureel ten ene male te gering om alle complexe vraagstukken het hoofd te bieden. Het resultaat is permanente frustraties, agressie en weerstand. De ‘landen’ willen autonomie, maar ontvangen ‘samenwerking’ die synoniem is geworden aan Nederlandse voogdijschap. Diepe frustraties overheersen ook op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. Het Nederlandse bestuur heeft vooralsnog verzuimd om de openbare lichamen om te zetten in daadwerkelijke Nederlandse gemeenten. De BES-eilanden beschikken dan ook niet over de rechten, plichten en financiering noch over de invloed en zeggenschap zoals Nederlandse gemeenten die kennen. Zij hangen er maar een beetje bij. Deze schaamtevolle constructie leidt tot een eindeloze reeks wederzijdse frictie, boosheid en tot tegenwerking.
Het Statuut heeft de beloofde gelijkwaardigheid, zelfstandigheid en wederkerigheid nooit waargemaakt. Er resteert praktisch en constitutioneel dan ook nog maar één optie. Schaf het Statuut af en vorm de Nederlandse Grondwet om tot de Koninkrijks Grondwet. Maak van de Caribische eilanden één provincie en zes gemeenten naar Nederlands model. Dit behoeft geen van de partijen te beangstigen, zolang deze onafwendbare ontwikkeling met wederzijdse zorg verder wordt voorbereid en begeleid.
Dit artikel is een bewerking van een presentatie op de conferentie 65 Jaar Statuut, georganiseerd door InterExpo, Hotel des Indes, Den Haag, 11 en 12 december 2019.
Delen:

Praat mee

Onze spelregels.

Omschrijving *

Typ hier je reactie...


0/1500 Tekens
Bedankt voor je reactie! De redactie controleert of je bericht voldoet aan de spelregels. Het kan even duren voordat het zichtbaar is.

Reacties (5)

MountEverest
MountEverest
25 dec. 2019 - 23:17
De juiste plaats voor de Antillen binnen het Koninkrijk lijkt veel op een vierkante cirkel. Zij willen het Koninkrijk niet verlaten en zelfstandig te worden. Dat is goed te begrijpen want de ABC-eilanden zullen dan mogelijk ten prooi vallen aan Venezuela of een speelbal van de Zuid-Amerikaanse maffia worden. Maar ook binnen het Koninkrijk voelen ze zich niet senang en zijn er continu strubbelingen, bovendien is er sprake van corruptie en wanbestuur. De beste oplossing is om er een of twee provincies van te maken met 6 gemeentes. De provincies worden bestuurd door een gouverneur met gedeputeerde staten. De gemeentes door een benoemde burgemeester en een gekozen gemeenteraad. Daarbij moet overwogen worden of de vestigingsrestricties die nu gelden voor Europeanen, moeten worden opgeheven.
2 Reacties
MountEverest
MountEverest25 dec. 2019 - 23:23
Het is mogelijk zinvol om het Franse systeem van départments/collectivités d'outre mer in te voeren zoals dat voor het Franse deel van Saint-Maarten en Guyane geldt.
Starter2
Starter226 dec. 2019 - 11:46
@Mount, Laat het in dat Franse gedeelte nu een stuk minder gaan dan in het Nederlandse. Maar het provincie model lijkt inderdaad het beste. Dan kan de financiering ook beter worden geregeld.
JaapBo
JaapBo
25 dec. 2019 - 22:22
Lijkt mij wel een goed idee. Maar de belangrijkste vraag is: hoe maak je een einde aan de corruptie?
Freek3
Freek3
25 dec. 2019 - 17:47
[De Caribische eilanden zijn bedelende horigen van Nederland. ] Nu ja, in die beeldspraak blijvend, wel erg blije horigen. Geen van deze horigen peinst er ook maar over om voor vrijheid te kiezen. En daardoor men kunnen inzien dat de beeldspraak van geen kanten klopt.
1 Reactie
Freek3
Freek325 dec. 2019 - 17:49
zou
wegmetons
wegmetons
25 dec. 2019 - 11:18
Ik zou er groot voorstander van zijn om de eilanden de keuze te geven: onderdeel van Nederland worden als zijnde Texel of een eigen land worden als Suriname. Niet meer in het Koninkrijk maar lekker op jezelf. Kies je er voor om bij Nederland te horen dan wordt je als eiland gewoon een volwaardige gemeente alsof je Amersfoort ben of Amsterdam. Alle rechten en plichten van het Europese vaste land gelden dan ook voor de Caribische eilanden.
de Boer2
de Boer2
25 dec. 2019 - 10:30
Het is waar dat de band met Suriname werd verbroken omdat Nederland vond dat Suriname een eigen staat moest zijn. Het was de tijd van de algemene dekolonisatie. Het was ook het streven om Nieuw Guinea uiteindelijk op eigen benen te zetten, los van de republiek Indonesia die ook Nieuw Puinea al onderdeel van het oude koloniale Nederlands Indië zag. . Daar is een vergeten oorlog om geweest waarbij doden vielen. Uiteindelijk gaf Nederland het bestuur op onder druk van de VS.aan de RI. De dekolonisatie ging te snel en te ondoordacht is de conclusie. Maar dat gebeurt nog steeds. Neem de ophef over de opwarming van de aarde.Die is inderdaad aan de gang, maar daar zie je het zelfde: massaal protest, er moet snel gehandeld worden en nu meteen. De auteur vergeet dat de Antillen nog steeds in Latijns Amerika liggen. En niet in de Waddenzee. Er wordt niet eens overal Nederlands gesproken. De geschiedenis voltrekt zich niet op bevel, maar traag en in bochten.Vaak is afwachten een goede optie. De meeste kwalen gaan immers ook vanzelf over. .
4 Reacties
rvb2
rvb225 dec. 2019 - 15:20
Nederlands spreken is nooit een eis geweest om bij Nederland te horen. Friesland hoorde er vanaf het begin al bij. Niks mis met wat diversiteit.
MountEverest
MountEverest25 dec. 2019 - 23:25
De meeste Friezen spreken goed Nederlands, hooguit wordt voor als foor en van als fan uitgesproken. Maar Engels en Papiamento zijn ook prima als eerste taal. Als daarnaast maar Nederlands wordt geleerd.
JanB2
JanB226 dec. 2019 - 0:41
Daar (Nieuw-Guinea) is een vergeten oorlog om geweest waarbij doden vielen. Klopt. En deze oorlog is inderdaad vergeten. In de doofpot gestopt want niet goed voor het nederlandse imago. Wie er toch over begon of wie de verkeerde kant koos kreeg daar jarenlang last mee. Dat ging van een feitelijk beroepsverbod binnen de overheid tot levenslang getreiter door de nederlandse staat zoals in het geval van Willem Oltmans.
MountEverest
MountEverest26 dec. 2019 - 18:04
@JanB Is Nieuw-Guinea terecht aan Indonesië toegewezen?

Altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws?

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

BNNVARA LogoWij zijn voor