Logo Joop
De opiniesite van BNNVARA met actueel nieuws en uitgesproken meningen

Vuile was, schone stad

  •  
Gisteren
  •  
leestijd 3 minuten
  •  
344 keer bekeken
  •  
ANP-531681650

Rotterdamse koopgoot krijgt tegenstem tijdens Dutch Sustainable Fashionweek.

Ik kwam uit de wereld van fast fashion en high-end mode. Beide waren ondraaglijk oppervlakkig. Waarschijnlijk lag dat grotendeels aan mijn eigen tomeloze honger naar de bron van echtheid en oprechtheid. Soms uit verveling, soms uit nieuwsgierigheid, soms uit honger naar bewustwording en fysieke representatie – al dan niet om die te ontdekken. Kleding als defense mode of als uitnodiging, tot een glimlach of gesprek. Die regel geldt blijkbaar nog steeds.

Toen ik moeder werd, zag ik eruit als een opengereten tent, bij elkaar gehouden met tape, pleisters en wat grove steken. Eetkorsten, snotspetters, kots en poepconfetti. Ik dacht namelijk dat minder wassen mijn klimaatschuld zou opschonen. Noem het littekens van verwaarlozing en acute machteloosheid. Niemand lachte nog naar me op straat. Totdat ik werd aangesproken door wijktoezicht (niet gelogen): “Mevrouw, gaat het wel goed met u?” Ah, dacht ik. Hier wordt mode politiek. Mode is kunst, mode is manifest, mode is ook polarisatie. Ik dook weer terug in mijn verbeelding en dacht aan textiel als tegengeluid, textiel als thuis, gemeenschap, keurslijf, maatpak. Textiel als paradox om tegenstrijdigheden te vergroten. Niet representatief of uniform.

Fast fashion is geen modeverschijnsel en al zeker geen statement. Het is een directe vertaling van onze koopkracht. We zijn daarin net zo goed schuldig als de verkoper. Het is een systemische plaag en van die plaag wordt slechts 1% gerecycled tot nieuwe kleding. 55% van de Nederlandse kledingaankopen wordt jaarlijks verbrand.

Alles hangt aan losse eindjes. Rood, gloeiend en strak gespannen. Wie de eindjes vastpakt, maakt een nieuw vlechtwerk, onlosmakelijk verbonden. En zo begon ik kleding van de straat te rapen om het vervolgens te upcyclen. Laverend tussen vier maten dacht ik: waarom ontwerp je niet een 4-in-1 pak dat je binnenstebuiten en ondersteboven kunt dragen? Kleding die ik dus met al mijn maten kan dragen, en ook in al mijn gemoedstoestanden. Als ik het ene ontwerp zat ben, draai ik het om. Ik ontwierp, minimaliseerde door te optimaliseren en bleef bij die spullen. Ik leef nu in die kleding, met kotsconfetti en al. Wol is een wondermiddel: je doet het in een emmer lauw water en hangt het op in de buitenlucht. Zelfherstellend, zoals onze huid. Soms zegt mijn moeder: “Tijd voor een APK.” Maar ik houd niet meer van hagelwit en ongedragen. De kleding die ik draag, moet als een kat met negen levens meegaan. Weerbaar door weer, wind en kind. Dat soort goed vind je meestal in een thrift shop. Voor de afwerking, de schurende details als textiel in tegengeluid, gebruik ik de parels van rommel die ik op straat vind. Dat wat je niet meer kunt recyclen en anders in de oceaan of in je eigen longen terechtkomt.

Nu is die hobby geëscaleerd en organiseer ik binnenkort een community as couture-feest tijdens de Dutch Sustainable Fashion Week. Een netwerkevent vol waslijnen, waar kleding als debatdoeken wordt gebruikt en dode lopers worden uitgerold. Er is een circulaire host met een mattenklopper om stoffige gedachten van je af te slaan. Het raakt je, omdat het je eigen lichaam raakt.

Mode is, zoals vele geëscaleerde grootschalige utopieën, een paradox die je laag voor laag moet afpellen om mensen te hervormen tot een nieuwe identiteit.

Ik visualiseer weleens een couturehuis voor daklozen, die hybride kleding ontwerpen om de harde winters buiten draaglijker te maken en van alle rotzooi iets potentieels te scheppen. Een collectie van alle slaapzakken en tenten van daklozen in Nederland – misschien zelfs heel Europa – een dode loper waarop al struikelend wordt geflaneerd. Zoals Viktor & Rolf in 2005 hun Fall Collection introduceerden: een vrouw met drastisch verwaarloosd haar, een out-of-bed-look en een kussen op haar hoofd. Escapisme uit een verontrustende tijd die nog steeds heerst. We slapen nog steeds.

Tijdens de Dutch Sustainable Fashion Week nodig ik iedereen uit om samen te ontwaken. Er is een veiling, een upcycling-workshop, een demonstratieve debat-catwalk waar we de vuile was aan knijpers door een balzaal hangen. Je kunt er dansen, debatteren via textielpennen en kledingstukken, een expo bezichtigen of leren hoe je zelf invloed kunt uitoefenen. Een deel van de opbrengst gaat naar het Secondhand Solidarity Fund, waarbij jouw bijdrage wordt gebruikt om kledingverkopers, upcyclers en andere betrokkenen in Kantamanto Market te ondersteunen – vooral na crises zoals brand of economische tegenslag.

Delen:

Altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws?

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

BNNVARA LogoWij zijn voor