Er is een ongeluk gaande en zij staan van een afstandje te filmen.
Woensdagochtend om kwart over tien ontbrak niet alleen premier Dick Schoof op het debat over het lintjesschandaal. Ook de fracieleiders van de coalitiepartijen schitterden door afwezigheid. Ze wilden kennelijk mindere goden uit hun omgeving naar voren schuiven. Dilan Yesilgöz bleef weg. Caroline van der Plas bleef weg, Geert Wilders bleef weg, Nicolien van Vroonhoven bleef weg. Zij waren er niet. Ze stonden niet op de presentielijst.
Frans Timmermans heeft ervoor gezorgd dat ze alsnog moeten komen. Hij vroeg hoofdelijke stemming aan over een motie om de premier toch naar de Kamer te halen. De o zo onpartijdige voorzitter Martin Bosma stribbelde tegen maar merkte al gauw dat er geen redden meer aan was. Het debat werd drie uur uitgesteld om de stemming mogelijk te maken. En wie weet zou Schoof alsnog besluiten toch te komen.
Wat er ook gebeurt, de fractieleiders van de coalitie hebben een diep inzicht gegeven in de kern van hun karakters. Het zijn lafbekken. In het vuur nemen zij de benen. Als de aanval dreigt, melden zij zich ziek bij de dokter. Deze mensen zullen zich volledig ongeschikt betonen als het land echt in een noodsituatie terecht komt. Dan drukken zij zich.
Ze lijken ook heel erg op omstanders die met hun iPhone filmpjes maken van een ongeluk in plaats van dat zij hulp bieden.
Zo zijn zij.
Ook als ze bij nader in zien toch naar die stemming komen.
Voor het overige ben ik van mening dat het toeslagenschandaal niet uit de publieke aandacht mag verdwijnen en de affaire rond het Groninger aardgas evenmin zeker nu de laatste putten open blijven. Tevens noem ik de PVV een extreemrechtse partij.
Beluister Het Geheugenpaleis, de wekelijkse podcast van Han van der Horst en John Knieriem over politiek en geschiedenis. Nu: het militair strategisch belang van taal- en cultuurstudies.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.