Ben je een liefhebber van knakworstjes, frikandellen of kipnuggets? Dan ben je stiekem ook een beetje een liefhebber van separatorvlees. Dit kom je namelijk in veel producten tegen waarin vlees is verwerkt. Maar wat is separatorvlees precies? Waar wordt het van gemaakt? En is het veilig om te eten? Voedselwaakhond Foodwatch heeft zo zijn twijfels: “Wat erin zit? Wie zal het zeggen.”
Snijd je een frikandel of knakworstje doormidden, dan zie je een eenkleurige bruinige, soms rozige binnenkant. Veel structuur is er niet aan te ontdekken. Het is dan ook een brij van vlees dat voor het merendeel bestaat uit separatorvlees.
Klinkt separatorvlees niet erg appetijtelijk? Wat te denken van andere benamingen voor dit product uit de vleesindustrie: vleespap, pink slime en spuit- of schraapvlees.
De vleesindustrie roemt het duurzame en economische aspect van separatorvlees. Want de allerlaatste beetjes vlees dat nog aan de botten zit van geslachte dieren, worden niet vernietigd maar klaargemaakt voor consumptie. De naam separatorvlees verwijst naar dit proces: het is vlees dat van bot is gescheiden oftewel gesepareerd. Dit wordt in een aantal vleesfabrieken in ons land gedaan.
Onder hoge of lage druk worden de vleesresten gewonnen. Het separatorvlees dat via lage druk wordt verkregen, lijkt qua uiterlijk op gehakt. De structuur van het vlees dat onder hoge druk wordt losgespoten, is fijner en egaler.
Een deel van het separatorvlees wordt verwerkt in diervoeder. Maar ook de voedselindustrie is gek op dit vleesingrediënt. Het is goedkoop vlees dat in tal van producten terugkeert. Daartoe wordt het eerst gemengd met meel, water, zout en smaakstoffen.
Het meest gebruikte vlees voor separatorvlees is kip. Zo bestaan frikandellen die je in de supermarkt koopt niet rund- of varkensvlees, zoals je wellicht zou verwachten, maar uit kippenseparatorvlees. Sterker nog: rundseparatorvlees mag in Nederland niet worden geproduceerd, omwille van de voedselveiligheid.
In het verleden ging de ook voor mensen gevaarlijke ziekte BSE (gekkekoeienziekte) rond onder runderen. Daarom mogen vleesrestanten op beenderen van runderen, maar ook van schapen en geiten, niet worden benut voor de productie van separatorvlees, zo schrijven Europese regels voor de voedselveiligheid voor.
Consumentenorganisatie Foodwatch stapte in 2022 naar de rechter. De Nederlandse staat kan de voedselveiligheid van separatorvlees niet garanderen, was onder meer de claim. De voedselwaakhond wilde destijds via een rechtszaak betere controles door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) afdwingen. Toezichthouder NVWA bracht ertegenin dat de kwaliteitscontroles wel op orde zijn. De rechter kwam toen niet tot een oordeel maar vond dat de betrokken partijen eerst maar eens met elkaar in gesprek moesten gaan.
Dat praten bestond vooral uit de overdracht van documenten, want de voedselwaakhond wilde heel precies inzicht krijgen in de manier waarop de NVWA de vleesproducenten en de voedselveiligheid controleert.
De NVWA verklaart in een reactie: “Foodwatch heeft in 2022 om informatie gevraagd. We hebben hen alle informatie die we hebben over separatorvlees gegeven. Het duurde wel even voordat we dit bij elkaar hadden. Het ging immers om 1100 documenten.”
Toch is Foodwatch-directeur Nicole van Gemert nog niet tevredengesteld. Volgens haar heeft haar organisatie nog steeds niet alle handhavingsrapporten van de toezichthouder ontvangen. De procedures om die boven water te krijgen lopen nu nog. "Ik denk dat de NVWA denkt: 'We gaan het zolang rekken totdat Foodwatch ophoudt.’ Maar wij zijn een voedselwaakhond.”
Anno 2025 is er aan de kern van de zaak niks veranderd, verklaart de Foodwatch-directeur. “De traceerbaarheid van de herkomst en fraudegevoeligheid met het vlees is voor ons het grote punt", geeft Van Gemert aan. "Het wordt van de botten van dode dieren gespoten en vervolgens geperst. Wat je overhoudt is pink slime, een vormeloze roze brij van vlees. Daarvan kun je het DNA niet eens meer achterhalen. Dus wat erin zit? Wie zal het zeggen."
De NVWA pareert de kritiek van de voedselwaakhond. “Het is geen enkel probleem om door analyse de dierlijke oorsprong van separatorvlees vast te stellen”, laat een woordvoerder weten. “Op het moment dat het geproduceerde separatorvlees wordt verpakt, kan de verdere aanduiding van het slachtdier door de NVWA worden gecontroleerd.”
Zit er voor de consument enig gezondheidsgevaar aan het eten van kipnuggets, frikandellen of ander voedsel met separatorvlees? Producten met separatorvlees kunnen met een gerust hart gegeten worden, verklaart de woordvoerder van toezichthouder NVWA.
“Mogelijk schadelijke bacteriën overleven het productieproces niet door verhitting. Ook moet het separatorvlees voldoen aan eisen wat betreft microbiologische veiligheid”, zegt de NVWA met een verwijzing naar een Europese verordening (2073/2005). “Het is aan de producent van het separatorvlees om te garanderen dat het veilig is. Als NVWA hebben we echter geen redenen om aan de voedselveiligheid van separatorvlees te twijfelen.”
Foodwatch blijft kritisch. "Wij zeggen niet tegen consumenten: eet geen frikandel”, verklaart directeur Van Gemert. “We zeggen tegen de overheid: zorg dat je zeker weet dat kippenseparatorvlees gezond is en dat je weet wat erin zit. Dat kunnen ze volgens ons niet garanderen en daarmee breken ze naar onze mening de wet.”
Bronnen: Foodwatch, NVWA, Rijksoverheid
Meer over:
kassa's hulpartikelen, separatorvlees, frikandel, kippenseparatorvlees, kipnuggets, knakworst, nvwa, foodwatchMeld je snel en gratis aan voor de Kassa nieuwsbrief!